Vers 9

Ramana Maharshi*:
“Alle paren van tegenstellingen en alle drievuldigheden, zoals ziener, zien en geziene, kunnen alleen bestaan dankzij het Ene. Zij vallen weg zodra je in jezelf die Ene Werkelijkheid ziet.
Degenen die dit ervaren weten wat werkelijk is – zij kennen geen twijfel.”

Het is onvoorstelbaar hoeveel fotografen er zijn en die ook nog allemaal andere situaties fotograferen. De een maakt modefoto’s of oorlogstaferelen, de ander straatgezichten van mensen in armoedewijken of luxe huizen en weer een ander van bloemen in hun volle pracht of juist van afval. De fotografen en ook de schilders maken niet alleen afbeeldingen van mooie taferelen, maar hebben ook het ‘verval’ of het ‘lelijke’ in hun kunstwerken gebruikt.
Ik moet eerlijk bekennen dat het voor mij ook steeds moeilijker wordt om iets af te wijzen omdat het zo lelijk zou zijn. Soms ga ik helemaal uit mijn bol van een paar grassprieten of een schaal met lege eierdopjes. Ik weet niet wat het is, het lijkt of elk oordeel of iets mooi of lelijk is op zo’n moment afwezig is en lijk ik op te gaan in het stil genieten.

* uit: Ramana Upanishad, samengesteld en vertaald door P. Renard, uitg. Servire, 1999, ISBN 90 7668 101 5, pag.139

Vers 7

Ramana Maharshi*:
“Hoewel de wereld en het waarnemen ervan samen verrijzen en samen verdwijnen, is het uitsluitend door het waarnemen dat de wereld verrijst. De bron waaruit de wereld en het waarnemen ervan beide verrijzen en waarin ze weer verdwijnen, is de Volmaakte Werkelijkheid, die zonder begin en zonder einde stralend is.”

Ik was laatst tijdens de jaarlijkse Uitmarkt in Amsterdam naar een repetitie van harpiste Lavinia Meijer en pianist Michiel Borstlap in het Concertgebouw. Ik ben niet zo’n liefhebber van klassieke muziek, omdat ik mij gauw verveel in de kakofonie van geluiden. Dit keer was het anders.
Onverwachts luisterde ik, zonder dat ik dat van te voren bedacht had, naar de stiltes die aan de noten voorafgingen. De noten zelf waren helderder en geen kakofonische aaneenschakeling meer. Ik kon nu mede door de stilte genieten van het spel.
Ik begreep ook dat musici soms na hun laatste noot in stilte blijven wachten voor ze opstaan om het applaus van het publiek in ontvangst te nemen. Deze stilte is onderdeel van een muziekstuk; zonder die stilte is er een kakofonie van geluid.

* uit: Ramana Upanishad, samengesteld en vertaald door P. Renard, uitg. Servire, 1999, ISBN 90 7668 101 5, pag.138/9.