Waarnemen (4 van 20)

het Leven is de leraar

Hfst. 1: Ontdekkingsreis

Par.3: Handelen

We handelen de hele dag of dit nu bewust of onbewust gebeurt. Het lichaam is steeds in actie; denk maar aan de bloedsomloop, de ademhaling of samentrekking van de spieren.

Bij het papierprikken op straat zag ik van alles liggen dat geprikt kon worden. Eerst zag ik iets groens liggen,  vervolgens zoem je in op wat een groen cellofaantje blijkt te zijn en benoemt het vervolgens als een snoeppapiertje. De geest is in gang gezet en vindt er wat van, zoals hadden ‘ze dit niet mee naar huis kunnen nemen’ of ‘zo’n cellofaantje is moeilijk afbreekbaar in de natuur’. Na het opprikken zijn de gedachten weer weg en zijn goed en slecht niet aanwezig hoewel voor slechts een kort moment.

Overigens roept het slechte gelijktijdig het goede op en het goede roept gelijktijdig het slechte op, wat er op duidt dat goed en slecht relatief zijn, meestal persoonlijk en dat deze dualiteit een sluier is, geen eenheid is en de non-dualiteit verbergt. Een sluier die je kunt herkennen bij het autorijden. Je bent ineens aangekomen bij de plaats van bestemming en hebt tijdens het rijden bijna niets van de omgeving gezien, omdat je in gedachten verzonken was over de vakantie die spoedig zou beginnen of het meningsverschil met je partner. Er lag een sluier van gedachten over de werkelijkheid van het rijden. Het rijden ging vanzelf zonder dat je besefte wat je deed. Het autorijden gebeurde, jij reed de auto niet en je was er ook niet bij. Analoog aan de uitspraak van Jezus ‘Ik ben is de weg, de waarheid en het Leven’ kun je zeggen: ‘Ik ben is het autorijden’. In de Bgavad Gita staat bijvoorbeeld ‘Ik ben het vuur van het vuur, het water van het water’. Hiermee wordt bedoeld dat het zichtbare vuur er alleen kan zijn door zijn bron, namelijk het universele vuur of Leven.
Overeenkomstig de Bagavad Gita tekst kun je zeggen ‘Ik ben het autorijden van het autorijden.’ Anders gezegd ‘Ik ben IS het autorijden van het autorijden’. Nog scherper geformuleerd: ‘ZIJN is het autorijden’.

Ik ben ook niet de schrijver van dit stuk. Het stuk schrijven gebeurt; het schrijft zichzelf, zonder tussenkomst van mijn persoon of ik. Het waarnemen door de zintuigen gebeurt spontaan, heeft geen ik of waarnemer; het is dan ook een ontdekkingsreis.