het Leven is de leraar
Hfst. 3: Ziek zijn
Par.: Uitzaaiingen
Na vier jaar, bij een controle, waren er op het beeldscherm uitzaaiingen in de lever te zien. De enige oplossing was een operatie van de lever, waarbij er een aantal uitzaaiingen wegebrand en twee weggesneden zouden worden. Een levertransplantatie was niet mogelijk, omdat de uitzaaiingen vrij snel in de nieuwe lever zouden terugkomen en dit zou het einde zijn van mijn lichaam. Steve Jobs van Apple had hetzelfde euvel gehad als ik. Hij kreeg een transplantatie van de lever en leefde daarna niet lang meer. De ingreep gebeurde in het AVL. Ik maakte me niet druk over, zij waren tenslotte de NET-oncologen en chirurgen aan wie ik mij overgaf zonder bezig te zijn over hoe het zou aflopen.
Het Leven is onvoorspelbaar en het Leven zorgt voor me ook als het zogenaamd tegen zit. Zonder het uit te spreken had ik vertrouwen in hun kunde, mede door het vertrouwen en de overtuiging waarmee zij spraken. Ik had het niet van tevoren kunnen bedenken dat ik uitzaaiingen zou hebben, misschien ook omdat ik geen pijn had aan mijn lever. Na de operatie word je op de intensive care opeens wakker, zonder dat je iets doet, uit een stilte en rust die je meditatief kunt noemen. Er is daarin geen onderscheid, maar meer een Zijn zonder woorden of gedachten. Daar lig je dan met allerlei slangetjes en monitoren. Gelukkig kreeg ik dezelfde dag een eigen kamer, waarbij de ruggenprik de eerste dagen zorgde voor een pijnloos verblijf. Regelmatig werd in het ziekenhuis mijn bloed onderzocht; er bleek een ontsteking te zijn. Een drain werd in mijn buik geplaatst, om het vocht van de ontsteking af te voeren. Dit gebeurde drie keer in korte tijd. Een van de drains werd geplaatst door een arts die thuis kwam werd opgeroepen. Deze keer was het pijnlijk doordat er een zenuw werd geraakt en er een pijnscheut van de buik naar de rechter schouder ging. Ik voelde de pijnscheut zo gebeuren in mijn bovenlichaam; ik nam het waar. Het waarnemen van de pijnscheut was heel even, maar de gedachte over de scheut bleef hangen. Deze pijnscheut was er alleen op het moment zelf en daarna alleen in mijn gedachten. Het lichaam is er dan tijdens het denken eigenlijk niet.
Thuis gekomen kreeg ik een paar keer koorts boven de 39 graden en moest ik telkens naar het AVL. Toen na drie opnames duidelijk werd dat er een resistente, gevaarlijke ziekenhuisbacterie in het lichaam zat, kreeg ik een PICC-line voor het toedienen van speciale antibiotica. Deze PICC-lijn is een slangetje voor een infuus dat in de ader van de bovenarm geplaatst wordt en vlak boven het hart uitkomt. Vanwege het gevaar van besmetting lag ik alleen op een kamer, waardoor ik een bed bezette dat beter voor een echte patiënt gebruikt kon worden. Ik mocht vrij snel naar huis, want een wijkverpleegkundige kon door de PICC-line de antibiotica toedienen. Gelukkig werkte het antibioticum, ik had niets anders verwacht. Ik maakte me niet druk, wat trouwens niet zou helpen en alleen tot spanning leidt. Ik ging er ook vanuit dat ik er niet dood aan zou gaan. Waar deze gedachte vandaan kwam weet ik ook niet, naar het kwam spontaan in mij op. God mag weten waar vandaan, het was voor mij duidelijk dat jet nog niet mijn tijd was. Tot overmaat van ramp kreeg ik de hik; dat wil zeggen minstens een minuut lang en dat diverse keren per dag. Ik dacht nog dat gaat wel over en dat was ook zo, maar wel pas na vier jaar. Ik durfde niet naar het theater te gaan, want ik zou kunnen hikken, heel vervelend ook voor mijn vrouw.
Ik bedacht op een gegeven moment dat ik mijn buik moest ontspannen. Het idee kwam op om naar een acupuncturist te gaan. Dat was het ook niet helemaal en vervolgens deed ik nog zes sessies bij een osteopaat. Een buikmassage door mijn vrouw hielp ook niet helemaal, maar het ontspannen zorgde wel voor meer rust, zeker in mijn hoofd. Ik denk dat alles meegewerkt heeft om te ontspannen en na een half jaar was de hik voorbij, die wel vier jaar had geduurd. Het Leven is een wonderlijk gebeuren, waarin ik mijn impulsen volgde, maar dat uiteindelijk zijn eigen weg gaat en mijn opdringerige geest niet nodig heeft.