het Leven is de leraar
Hfst. 2: Het Universele
Naast de dagelijkse handelingen hebben de meeste mensen ook een hobby die je thuis kunt doen, zoals harp spelen, kleren naaien, schaken, of letterhakken dat ik een tijd heb gedaan. Ik studeerde vaak in de bibliotheek van de universiteit en kwam toevallig op de afdeling oude handschriften terecht. Daar hing een kleine stenen plaat met een uitgehakt alfabet, door de scherpe lijnen werd ik emotioneel geraakt. Ik begreep echter totaal niet waar die emotie vandaan kwam en mijn aandacht daar bij bleef. Ik was bekend met letters, doordat ik jarenlang gekalligrafeerd had. De lettervormen als uitingen van kunst waren bekend voor mij. Het richten van de aandacht op het waarnemen van de punt van de pen tijdens het kalligraferen, leerde mij bijvoorbeeld dat op het moment dat ik de letter uit de pen zag ontstaan, ik dacht meteen ‘het gaat goed’. Precies op dat moment maakte ik dan een fout zonder dat trouwens onmiddellijk in de gaten te hebben. Over met aandacht kalligraferen gesproken!
Aandacht is dan ver weg en lijkt meer iets van de geest dan het werkelijk in het hier en nu waarnemen van waar ik mee bezig ben. Meestal dacht ik tijdens het kalligraferen dat mijn aandacht bij het schrijven was; echter niets van dat alles. Was mijn aandacht er wel bij, dan ging ikzelf zowel geestelijk als lichamelijk op in het gebeuren en was ik mij van het kalligraferen en mijzelf niet bewust. Er was als het ware geen kalligraaf, het kalligraferen gebeurde.
Na het zien van de plaat met het uitgehakte alfabet ging ik een cursus steenhakken volgen. Ik bleek echter de enige persoon te zijn die wilde letterhaken; de anderen kwamen voor het beeldhouwen in speksteen, dat hoofdzakelijk geschuurd moest worden. Bij het hakken vlogen de stukjes steen ervan af, wat ook moest, maar vaak net iets te veel of te weinig. Voor mijn gevoel zette ik de beitel heel precies neer en dacht controle te nebben over het proces. Tijdens het slaan op de beitel dacht ik aan hoe hard ik zou moeten slaan om te voorkomen dat het weer niet goed zou gaan. Helaas was mijn aandacht totaal niet bij de punt van de beitel op de steen. Ik nam de punt gewoon niet waar en was meer in mijn gedachten bezig dan met mijn aandacht gericht op de beitel of plek op de steen. Ik mopperde op mijzelf en zo werd het een zware les. Nopperen tijdens het hakken had dan ook geen zin en ik richtte mijn aandacht weer op het hakken. Ook deze doelgerichte aandacht bij het hakken nam ik waar. Eigenlijk was ik meer bezig met wat er in mijn geest afspeelde dan wat er voor mij gebeurde op de steen. Het was meer een oefenen van de aandacht dan het werkelijk aandachtig bezig zijn om het Leven in zijn diepste wezen te kennen.. Het oefenen bleef gewoon oefenen en bracht me geen steek verder in het ontdekken van het Leven.
Door ruimte -en tijdgebrek stopte ik na twee cursussen. Veertig jaar later kwam toch de behoefte aan letterhakken weer naar boven; de ervaring van het letterhakken zat al die tijd in mijn herinnering. In de tussentijd was ik wel intensief bezig geweest met kalligraferen; over lettervormen en spatiering hoefde mij niemand wat te vertellen. Tijdens kalligrafie had ik de tekst ‘Go placidly amidst the noise’ leren kennen. Ik wilde deze tekst nu in steen uithakken. Waarom deze tekst? In ieder geval vond ik het woord ‘placidly’ mooi, zonder de betekenis ervan te kennen. Ook het ontwerp van deze tekst mij aansprak. Begrijpen doe ik het niet; alleen dat ik het in de geest niet kon loslaten en het verlangen om de tekst uit te kappen bleef bestaan. Het was er ineens in mijn geest. Een verlangen dat spontaan uit het niets was opgekomen. Ik had het niet zelf kunnen bedenken; het was een oncontroleerbaar moment. Tijdens het hakken van de tekst in de steen zag ik wat er mis ging en dat irriteerde me. Ik was gewoon
met die irritatie in mijn hoofd bezig en zag niet werkelijk de steen of beitel waar ik op dat moment mee werkte. Je kunt zeggen dat het hakken doorging, het gebeurde en ikzelf dat helemaal niet deed. Ik zag ook mijn lichaam en de beitel niet meer; en zat vooral in mijn hoofd. Wat ik ook kende van het autorijden, waar mijn aandacht meestal naar iets anders gaat dan het autorijden dat simpelweg gebeurt. De zintuigen doen blijkbaar hun werk, zijn aandachtig en sturen het lichaam aan om de juiste handelingen uit te voeren.