Autoraces

Jammer dat F1 Grand Prix autoraces dit jaar (2020) zijn uitgesteld in verband het coronavirus. Helemaal jammer omdat dit jaar voor het eerst sinds 1985 weer een wedstrijd op Zandvoort gereden zou worden.
Ook kijk ik met iets meer belangstelling naar de races, omdat Max Verstappen mee doet.
Ik merk dat ik het ook moeilijk kan laten om niet te kijken wanneer Max Verstappen kans heeft om te winnen omdat hij tijdens de trainingen zich voor de eerste startrij heeft gekwalificeerd. Ik vind het altijd lekker als een Nederlander kan winnen.
Tijdens de wedstrijd krijg ik vaak de eigenaardige gedachten: ‘Misschien of eigenlijk hopelijk, gebeurt er wat; zoals twee wagens die uit de bocht vliegen of elkaar zo raken dat ze spinnen en de van achterop komende rijders ze niet of nauwelijks kunnen ontwijken.

Eigenlijk een vreemde gedachte, want het gaat in een autorace om het winnen en niet om het verliezen, zeker niet door een ongeluk. Gelukkig zijn de auto’s tegenwoordig zo goed gebouwd dat ze wel tegen een stootje kunnen. Misschien speelt bij die gedachte mee dat veel wedstrijden enigszins saai zijn omdat de winnaar van start tot finish voorop rijdt en er niet veel spanning meer in de wedstrijd is.

Waar komen die vreemde gedachten vandaan? Als het om gedachten van inspiratie voor het schrijven van bijvoorbeeld dit artikel gaat, dan komen die uit een soort niets of oerbron vandaan. Dan moet de gedachte om naar een F1 Grand Prix te kijken daar ook uit voort komen. Hetzelfde geldt dan ook voor die vreemde gedachten over ongelukken. En daar geniet ik ook nog van!

Twee puttertjes

Twee puttertjes met een rood gezichtje en een verder zwart met witte kop, vliegen zij aan zij door de zomers lucht. Schuin onder hen zien zij een waterfontein. ‘Wat is het warm. Heb jij ook zo’n dorst?’ vraagt de oudste van de twee. ‘Ja, ik wil wel wat drinken.’ ‘Laten we hier dan snel naar beneden duiken en uit die fontein wat drinken.’ De jongste had nog nooit uit een fontein gedronken, laat staan op deze snelheid naar beneden gedoken. ‘Ik durf dat niet,’ antwoordt hij paniekerig. ‘Ik ga wel voor. Volg mij dan zie je hoe ik op de keitjes land.’ De andere volgt en landt vlak naast hem. ‘Ik was bang dat ik op mijn kop zou vallen en misschien wel iets zou breken, maar er gebeurde helemaal niets. Het ging helemaal vanzelf,’ zei het kleintje met een nu volledig rood hoofd.